Informatieve site over

de Belgische spoorwegen

Beschrijving van NMBS termen

Algemene termen

HV : Rijtuigen voor personenvervoer.
Er waren en zijn verschillende types rijtuigen voor personenvervoer die als doel hebben het vervoer van personen en hun bagage.
Het zitcomfort (en eventuele faciliteiten) wordt nog steeds uitgedrukt in klassen en hebben een specifieke aanduiding. De beschrijving kan je terugvinden op de pagina Beschrijving.

HLS : Tractievoertuig aangedreven door stoom, en algemeen een stoomlocomotief genoemd.
Bij de stoomlocomotieven werd er geen onderscheid gemaakt tussen locomotieven die werden ingezet in het baan- of lijnvervoer voor zowel reiziger als goederen, als locomotieven die ingezet werden in de rangeerdiensten.

HLD : Tractievoertuig aangedreven door een Dieselmotor voor de lijndienst, en algemeen een lijndiesellocomotief genoemd. Het initiĆ«le doel van deze locomotieven was de inzet in de baan- of lijndiensten, en dit zowel voor personenvervoer als goederenvervoer. Deze locomotieven werden echter ook soms ingezet in rangeerdiensten.
Onder de lijndiesellocomotieven waren er twee klassen wat betreft de aandrijving van de wielen.
1) Diesel hydraulische locomotieven. Hier drijft de Dieselmotor een hydraulische koppeling aan die door middel van een koppelaar en/of turbine de krachtoverbrenging naar de aandrijfassen verzorgt.
2) Diesel elektrische locomotieven. Hier drijft de Dieselmotor een generator aan die door middel van een elektrische of elektronische regeling de electrische tractiemotoren voorziet van de benodigde spanning en gevraagde stroom.

HLR : Tractievoertuig aangedreven door een Dieselmotor voor de rangeerdienst en algemeen een rangeerlocomotief genoemd. Deze locomotieven werden ingezet voor het goederenvervoer en de rangeerdiensten. De lichtere rangeerlocomotieven deden enkel rangeerdiensten. In het verleden en uitzonderlijk konden sommige locomotieven worden ingezet voor reizigersdienst, echter meestal werd dit in uiterste nood gedaan om een bv. defecte reizigerstrein te depanneren.
De aandrijving van de NMBS rangeerlocomotieven gebeurt tot op heden nog steeds door een Dieselmotor die een hydraulische koppeling aandrijft en door middel van een koppelaar en/of turbine de krachtoverbrenging naar de aandrijfassen verzorgt. De enige uitzondering was het de reeks 70 en 76 waarbij de Dieselmotor een generator aandreef die middels een elektronische sturing de elektrische tractiemotoren aandreef. De reeks 76 was van Nederlandse makelij en werd van de Nederlandse Spoorwegen aangekocht door de NMBS.
De aandrijving van de tractieassen bij de locomotieven met hydraulische overbrenging gebeurde hierbij op twee manieren. Ofwel werd dit gedaan met een ‘valse’ as die op haar beurt werd verbonden met een aandrijfstang die met de andere assen verbonden waren, ofwel werden de assen aangedreven door een cardanas.

HLE : Tractievoertuig aangedreven door elektriciteit.

MW : Motorwagen aangedreven door stoom, gas- Diesel- waterstofmotor.

MR : Motorrijtuig aangedreven door elektriciteit.